ECLI:NL:RBSGR:2012:BY3811
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling vaderschap en kinderalimentatie bij kunstmatige inseminatie
De moeder verzoekt de rechtbank om het vaderschap van de man vast te stellen en kinderalimentatie toe te wijzen. Partijen kwamen in 2009 via een wensmoedersite met elkaar in contact en de man leverde sperma bij een behandelcentrum voor kunstmatige inseminatie. De rechtbank constateert dat de man biologisch vader is, maar dat hij zich beroept op donorschap, waardoor hij niet als juridische verwekker wordt gezien.
De moeder mag bewijs leveren dat de conceptie niet via donorinseminatie heeft plaatsgevonden, maar op natuurlijke wijze. De rechtbank stelt vast dat de conceptie tussen half november en half december 2010 moet hebben plaatsgevonden en dat de moeder in die periode kunstmatig is geïnsemineerd met sperma van de man. De man heeft een donorverklaring overgelegd die niet wordt betwist.
De rechtbank houdt de beslissing over kinderalimentatie aan totdat het vaderschap definitief is vastgesteld. Getuigen kunnen worden gehoord om het bewijs van natuurlijke verwekkingswijze te ondersteunen. De procedure wordt voortgezet met een pro forma zitting in januari 2013.
Uitkomst: De rechtbank houdt de beslissing over vaderschap en kinderalimentatie aan en staat bewijslevering toe over natuurlijke verwekkingswijze.