ECLI:NL:RBSGR:2012:BX7580
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering tot opschorting signalering en verbod vervangende hechtenis wegens onveranderde medische situatie
Eiser is veroordeeld tot een gevangenisstraf met een bijkomende schadevergoedingsmaatregel die bij niet-betaling kan worden vervangen door vervangende hechtenis. Na gedeeltelijke uitvoering van deze hechtenis werd deze tijdelijk opgeschort vanwege medische redenen. De medische adviseur van de Dienst Justitiële Inrichtingen concludeerde dat eiser destijds detentieongeschikt was vanwege een combinatie van lichamelijke en emotionele factoren.
In een eerder kort geding van oktober 2011 werd geoordeeld dat de medische situatie van eiser niet was verbeterd en dat de opschorting van de signalering gehandhaafd moest worden totdat nieuw medisch onderzoek anders zou uitwijzen. Gedaagde, de Staat, startte een nieuw onderzoek waaruit bleek dat eiser detentiegeschikt zou zijn, maar deze conclusie werd in het onderhavige kort geding niet gevolgd omdat het eerdere vonnis bindend is zolang het hoger beroep niet is beslist.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er geen medische verbetering is opgetreden sinds februari 2011 en dat de Staat daarom de opschorting van de signalering moet handhaven en de executie van de resterende vervangende hechtenis moet staken. Een dwangsom wordt niet opgelegd omdat de Staat niet zonder meer het eerdere vonnis heeft genegeerd. De Staat wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De Staat wordt verplicht de opschorting van de signalering te handhaven en de executie van de vervangende hechtenis te staken zolang de medische situatie van eiser niet is verbeterd.