ECLI:NL:RBSGR:2012:BX7248
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs poging doodslag en mishandeling politieagenten
Op 25 september 2011 werd verdachte aangehouden nadat hij met zijn auto in een smalle straat in Delft manoeuvreerde nabij politievoertuigen. Verdachte werd beschuldigd van tweemaal poging tot doodslag, zware mishandeling, en mishandeling dan wel wederspannigheid tegen politieagenten die bij de aanhouding betrokken waren.
Tijdens de terechtzitting op 23 augustus 2012 kwam naar voren dat het bewijs, waaronder een filmpje gemaakt door een omstander, niet overtuigend was. Het filmpje toonde dat verdachte met zeer lage snelheid kleine stukjes heen en weer reed in een beperkte ruimte, hetgeen niet strookt met de beschuldigingen van poging tot doodslag. Ook de verklaringen van de inzittenden van de auto ondersteunden de verklaring van verdachte. De rechtbank merkte op dat het Openbaar Ministerie naliet om belangrijke getuigen, zoals de inzittenden, tijdig te horen.
De officier van justitie gaf aan de ernstige beschuldigingen te laten vallen, maar dit gebeurde pas kort voor de zitting, waardoor verdachte onnodig lang met zware verdenkingen werd belast. De rechtbank achtte dit een ernstige tekortkoming, die bij een veroordeling tot strafvermindering had moeten leiden. Gezien het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
De vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde politieagenten werden niet-ontvankelijk verklaard omdat verdachte werd vrijgesproken. De rechtbank veroordeelde de benadeelde partijen in de kosten die verdachte tot dan toe had gemaakt, welke nihil werden begroot.
De rechtbank uitte haar kritiek op de gang van zaken en benadrukte het belang van zorgvuldige en tijdige bewijsvoering, zeker in zaken waarbij politieagenten als slachtoffers optreden.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten wegens onvoldoende bewijs.