ECLI:NL:RBSGR:2012:BW9826
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtmatigheid bewaring vreemdeling met vermoedelijke Armeense nationaliteit
Eiser, die stelt staatloos te zijn, is in bewaring gesteld op grond van het niet naleven van vreemdelingenwetgeving en het ontbreken van een vaste verblijfplaats. De rechtbank volgt verweerder in de veronderstelling dat eiser mogelijk de Armeense nationaliteit bezit, ondanks dat dit niet definitief is vastgesteld. Verweerder heeft daarom een aanvraag ingediend bij de Armeense autoriteiten om duidelijkheid te verkrijgen over de nationaliteit van eiser.
Eiser betwist de gronden van de bewaring en het zicht op uitzetting, maar erkent dat hij zich niet aan de vertrekplicht heeft gehouden en dat hij zich enige tijd onttrok aan toezicht. De rechtbank acht de gronden voor bewaring terecht en ziet geen vluchtelingrechtelijke beschermingsvraag, aangezien er geen lopend asielverzoek is.
De rechtbank concludeert dat de bewaring rechtmatig is, dat verweerder niet onzorgvuldig heeft gehandeld door contact te zoeken met de Armeense autoriteiten, en dat het zicht op uitzetting naar Armenië niet ontbreekt. Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep tegen de bewaring ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af.