ECLI:NL:RBSGR:2012:BW8692
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijke handel in niet-toegelaten gewasbeschermingsmiddel BN3/bitoxybacillin
De rechtbank 's-Gravenhage heeft op 18 juni 2012 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een rechtspersoon die zich schuldig heeft gemaakt aan het opzettelijk overtreden van artikel 20 van Pro de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (WGB). Verdachte heeft in de periode van januari 2008 tot en met juli 2010 het middel BN3, ook wel bitoxybacillin genoemd, dat niet is toegelaten op de Nederlandse en Europese markt, op de markt gebracht, voorhanden gehad en in voorraad gehouden.
Het middel BN3/bitoxybacillin is aangemerkt als een gewasbeschermingsmiddel omdat het een insectendodend middel is dat onder andere wordt gebruikt in de rozenteelt ter bestrijding van spint. Uit onderzoek en diverse processtukken blijkt dat verdachte het middel via een keten van leveranciers heeft ingekocht en vervolgens verkocht aan bedrijven in Nederland en andere Europese lidstaten. De rechtbank verwierp het verweer dat het middel slechts een plantversterkingsmiddel zou zijn en oordeelde dat het opzet van verdachte gericht was op het verrichten van de strafbare handelingen.
De rechtbank benadrukte het belang van de WGB ter bescherming van milieu, volksgezondheid en voedselveiligheid en stelde vast dat verdachte met haar handelen het overheidsbeleid heeft doorkruist. Gezien de ernst van de feiten en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, die niet eerder strafrechtelijk was veroordeeld, legde de rechtbank een geldboete van € 200.000 op.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van € 200.000 wegens opzettelijke overtreding van artikel 20 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden.