ECLI:NL:RBSGR:2012:BW5755
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.J. Medze
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring rechtbank inzake beroep tegen inwilligend verblijfsvergunningbesluit
Eiseres, van Eritrese nationaliteit, diende op 9 december 2009 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Verweerder besloot op 18 mei 2011 de aanvraag in te willigen. Eiseres diende hiertegen op 31 mei 2011 een bezwaarschrift in, dat door verweerder als beroepschrift werd aangemerkt en aan de rechtbank werd voorgelegd.
De rechtbank oordeelt dat op grond van artikel 39, lid 1, Vreemdelingenwet 2000 bij inwilliging van een aanvraag geen schriftelijk voornemen wordt uitgebracht en dat op grond van artikel 79, lid 1, Vw de beroepsprocedure slechts openstaat indien de vreemdeling in de gelegenheid is gesteld een zienswijze in te dienen. Dit was niet het geval bij het inwilligende besluit.
Daarom is de voornemenprocedure niet van toepassing en moet eerst bezwaar worden gemaakt tegen het besluit van 18 mei 2011. De rechtbank vat het ingediende beroepschrift op als een bezwaarschrift en zal dit met toepassing van artikel 6:15 Awb Pro doorzenden aan verweerder. De rechtbank verklaart zich vervolgens onbevoegd kennis te nemen van het beroep. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep omdat eerst bezwaar moet worden gemaakt tegen het inwilligende besluit.