ECLI:NL:RBSGR:2012:BW3369
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J.C. Dijkstra
- A.P. Pereira Horta
- G.F. van der Linden-Burgers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning gezinsleven wegens ontbreken geldige mvv niet in strijd met artikel 8 EVRM
Eiser, een Surinaamse staatsburger, verzocht om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd om gezinsleven uit te oefenen met zijn minderjarige kinderen van Nederlandse nationaliteit. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiser niet beschikte over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) en geen vrijstellingsgrond van toepassing was.
Eiser voerde aan dat de weigering in strijd was met artikel 8 EVRM Pro en beriep zich op het arrest Zambrano van het HvJ EG, dat bescherming biedt aan Unieburgers die anders het effectieve genot van hun rechten zouden verliezen. De rechtbank oordeelde dat dit arrest niet van toepassing was omdat de kinderen en hun moeder met het vertrek van eiser niet feitelijk verplicht worden het grondgebied van de Unie te verlaten.
De rechtbank overwoog verder dat het belang van de kinderen in Nederland een belangrijke rol speelt, maar niet zonder meer doorslaggevend is. Het beroep op het IVRK faalde omdat verweerder zich voldoende rekenschap had gegeven van de belangen van de kinderen. Ook de hardheidsclausule werd niet toegepast omdat verweerder zich redelijk op het standpunt kon stellen dat geen aanleiding bestond voor vrijstelling. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wegens ontbreken van een geldige mvv wordt ongegrond verklaard.