ECLI:NL:RBSGR:2012:BW1255
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verbod tenuitvoerlegging gevangenisstraf in afwachting van gratieverzoek
Eiser is onherroepelijk veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier weken en heeft in 2012 een gratieverzoek ingediend. Hij verzocht de tenuitvoerlegging van de straf op te schorten in afwachting van de beslissing op dat verzoek, stellende dat zijn persoonlijke omstandigheden en het risico op verlies van baan en woning een schorsing rechtvaardigen.
De Minister van Veiligheid en Justitie weigerde dit verzoek, waarna eiser een kort geding startte. De voorzieningenrechter overweegt dat de wet voorschrijft dat een onherroepelijke strafuitspraak moet worden uitgevoerd, tenzij in uitzonderlijke gevallen. De Minister heeft beleidsvrijheid om de tenuitvoerlegging te schorsen, maar doet dit alleen als aannemelijk is dat het gratieverzoek hoogstwaarschijnlijk wordt toegewezen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat eiser onvoldoende heeft aangetoond dat het gratieverzoek kansrijk is. Zijn persoonlijke situatie en het risico op baanverlies zijn onvoldoende gronden voor schorsing. Ook het tijdsverloop sinds de veroordeling weegt niet in zijn voordeel, mede omdat eiser zich onvindbaar heeft gemaakt. Het verzoek wordt daarom afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf wordt afgewezen.