ECLI:NL:RBSGR:2012:BW0682
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens opzettelijke verzwijging drugsgebruik bij arbeidsongeschiktheidsverzekering
Eiser sloot in 1996 een arbeidsongeschiktheidsverzekering af en vulde daarbij een gezondheidsverklaring in waarin hij ontkende ooit drugs te hebben gebruikt. Uit latere verklaringen bleek dat hij in de periode 1985-1989 regelmatig cannabis en cocaïne had gebruikt. De verzekeraar Aegon ontdekte deze onjuiste opgave in 2011 en beëindigde de verzekeringsovereenkomst op grond van opzettelijke misleiding.
Eiser stelde dat zijn drugsgebruik incidenteel was en dat hij geen opzet tot misleiding had, mede omdat hij niet wist dat hij dit moest melden. De rechtbank verwierp deze stellingen en oordeelde dat de vraag naar drugsgebruik duidelijk was en dat eiser bewust onjuiste informatie had verstrekt. Ook het beroep op niet-tijdige waarschuwing door Aegon faalde, omdat Aegon binnen twee maanden na ontdekking van de verzwijging had gehandeld.
De rechtbank concludeerde dat Aegon terecht de verzekeringsovereenkomst had beëindigd en geen uitkering verschuldigd was. Daarnaast mocht Aegon de gegevens van eiser opnemen in haar incidentenregister en melden bij het externe verwijzingsregister. De vorderingen van eiser werden afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiser af en bevestigt de rechtmatigheid van de beëindiging van de verzekeringsovereenkomst wegens opzettelijke verzwijging.