ECLI:NL:RBSGR:2012:BW0670
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Schadeloosstelling huurder bij onteigening bedrijfsruimte en bedrijfsschade vennootschap
De zaak betreft een onteigeningsprocedure waarbij de gemeente Den Haag onteigening heeft uitgesproken van een bedrijfsruimte die door de huurder werd geëxploiteerd als koffie- en eethuis in een vennootschap onder firma. De huurder vordert schadeloosstelling voor de bedrijfsschade die hij lijdt door de onteigening.
De rechtbank stelt vast dat alleen de huurder als derde belanghebbende aanspraak kan maken op schadeloosstelling, niet de andere betrokken vennoot die geen zakelijk of persoonlijk recht op het onteigende heeft. De schadeloosstelling aan de huurder dient gebaseerd te worden op de volledige bedrijfsschade van de vennootschap die hij mede drijft, aangezien hij de bedrijfsruimte zonder vergoeding aan de onderneming ter beschikking stelde.
Er is een verandering in de vennootschap na terinzagelegging van het onteigeningsplan, waarbij een andere vennoot is toegetreden. Deze verandering wordt niet als normale of noodzakelijke verandering aangemerkt, maar dit sluit niet uit dat de huurder schadeloosstelling kan ontvangen. De financiële gevolgen die schadeverhogend zijn door deze verandering moeten worden geëlimineerd, zodat de schadeloosstelling niet hoger mag zijn dan zonder deze verandering.
De rechtbank wijst een voorschot op de schadeloosstelling toe van €7.000 en gelast een nader deskundigenadvies over de juiste omvang van de schadeloosstelling, waarbij ook de vraag wordt meegenomen of de onderneming moet worden geacht geliquideerd of verplaatst te zijn.
Uitkomst: De rechtbank kent een voorschot van €7.000 toe en gelast een nader deskundigenadvies over de schadeloosstelling aan de huurder.