ECLI:NL:RBSGR:2012:BV2122
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering geloofwaardigheid en risico homoseksualiteit Irak
Eiser, een Iraakse homoseksuele man, verzocht om een verblijfsvergunning asiel. Verweerder wees dit verzoek af op grond van een ongeloofwaardig geacht asielrelaas, mede vanwege het ontbreken van reisdocumenten en onvoldoende concrete informatie over zijn vlucht. De rechtbank oordeelde dat verweerder zich in redelijkheid op dit standpunt kon stellen, maar dat het besluit onvoldoende rekening hield met de specifieke risico's die homoseksuele personen in Irak lopen.
Het bewijs toonde aan dat homoseksuele mannen in Irak systematisch worden blootgesteld aan onmenselijke behandelingen, zoals blijkt uit het rapport van Human Rights Watch (augustus 2009) en het ambtsbericht van 2010. De rechtbank stelde vast dat eiser deel uitmaakt van deze risicogroep en dat verweerder ten onrechte aanvullende individuele kenmerken verlangde voor het aannemen van een reëel risico op vervolging.
De rechtbank concludeerde dat het bestreden besluit niet op een voldoende draagkrachtige motivering berust en daarmee in strijd is met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen.