ECLI:NL:RBSGR:2012:BV1658
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S.I. Euson
- A.J. Dondorp
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen verlenging bewaring vreemdeling wegens zicht op uitzetting
Eiser verblijft sinds 21 juni 2011 in bewaring en heeft op 4 januari 2012 beroep ingesteld tegen het verlengingsbesluit van 20 december 2011. De rechtbank overweegt dat het verlengingsbesluit is genomen vóór de wetswijziging van 31 december 2011, waardoor artikel 94, vijfde lid van de Vreemdelingenwet 2000 niet van toepassing is. Het beroep wordt daarom beoordeeld op grond van artikel 96, eerste lid, Vw 2000.
De rechtbank constateert dat er zicht is op uitzetting omdat eiser op 26 augustus 2011 is gepresenteerd aan de Marokkaanse autoriteiten en dat verweerder de diplomatieke gebruiken respecteert. Een rappel op dossierniveau is nog niet aan de orde. Daarnaast is vastgesteld dat eiser onvoldoende meewerkt aan zijn vertrek; hij heeft geen documenten overgelegd ter onderbouwing van zijn LP-aanvraag en stelt dat hij door gezondheidsklachten niet kan meewerken, hetgeen niet aannemelijk is gemaakt.
De rechtbank oordeelt dat aan de voorwaarden voor verlenging van de bewaring na zes maanden is voldaan en dat de belangenafweging terecht in het nadeel van eiser is uitgevallen. De door eiser gestelde disproportionaliteit wordt niet erkend, mede omdat eiser geen bijzondere belangen heeft gesteld naast het belang om in vrijheid te worden gesteld. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het verlengingsbesluit van de bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.