ECLI:NL:RBSGR:2012:14228
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering van AOW-pensioen wegens samenwoning en huwelijk
Eiser ontving vanaf augustus 2005 een AOW-pensioen voor een alleenstaande. Vanaf 25 november 2008 woonde hij samen met zijn partner en trouwde met haar op 27 mei 2011. Verweerder herzag het pensioen met ingang van 1 december 2008 naar het gehuwdenpensioen en vorderde het teveel betaalde bedrag terug over de periode tot mei 2011.
Eiser voerde aan dat de wetgever niet bedoeld had dat het pensioen zou dalen bij samenwoning met een partner die niet of nauwelijks AOW ontvangt, en dat de redelijkheid en billijkheid zich verzetten tegen de korting. Verweerder was volgens eiser op de hoogte van de samenwoning.
De rechtbank oordeelde dat op grond van de AOW-eisen eiser vanaf 1 december 2008 als gehuwd moest worden beschouwd en dat de herziening en terugvordering terecht waren. De korting op het pensioen van de partner was wettelijk geregeld en de toeslag was correct toegepast. Er waren geen dringende redenen om af te zien van herziening en terugvordering. Eiser had zijn informatieplicht geschonden door de samenwoning niet te melden.
De beroepen werden ongegrond verklaard en de terugvordering werd bevestigd. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de herziening en terugvordering van het AOW-pensioen.