ECLI:NL:RBSGR:2011:BV1155
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.C. Greeuw
- E.B. de Vries-van den Heuvel
- A.J. Medze
- Rechtspraak.nl
Weigering inschrijving gemeenschapsonderdaan wegens onvoldoende middelen van bestaan onterecht
Eiseres 1, een minderjarig kind met de Duitse nationaliteit, en haar moeder, eiseres 2, hebben bezwaar gemaakt tegen besluiten van verweerder die de inschrijving van eiseres 1 als gemeenschapsonderdaan en de afgifte van een verblijfsdocument aan eiseres 2 weigerden. Verweerder baseerde zijn besluit op het ontbreken van voldoende middelen van bestaan, waarbij hij uitsluitend het normbedrag voor alleenstaande ouders volgens de Wwb hanteerde.
De rechtbank stelt vast dat verweerder niet heeft voldaan aan artikel 8, vierde lid, van richtlijn 2004/38/EG, dat vereist dat persoonlijke omstandigheden worden meegewogen bij de beoordeling van de bestaansmiddelen. Eiseres 2 ontvangt verschillende bedragen van familie en derden, die zij vrij kan besteden aan haar drie kinderen, en heeft in de afgelopen jaren geen beroep hoeven doen op publieke middelen.
De rechtbank oordeelt dat het standpunt van verweerder dat deze middelen niet juridisch afdwingbaar zijn, niet doorslaggevend is. Het verlies van toereikende bestaansmiddelen blijft immers een latent risico. Het beroep wordt gegrond verklaard, de bestreden besluiten worden vernietigd en verweerder wordt opgedragen binnen zes weken nieuwe besluiten te nemen, waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit tot weigering inschrijving en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen rekening houdend met persoonlijke omstandigheden.