ECLI:NL:RBSGR:2011:BU9075
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging tot voorlopig verblijf wegens onvoldoende gezinsband bij nareis asiel
Eisers, allen Somalische nationaliteit, vroegen een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aan in het kader van nareis asiel bij referente die een verblijfsvergunning asiel had. Verweerder weigerde de mvv omdat onvoldoende aannemelijk was dat eisers feitelijk tot het gezin van referente behoorden ten tijde van haar vertrek uit Somalië.
De rechtbank beoordeelde dat verweerder terecht tegenstrijdigheden in de verklaringen van referente en eiser 1 had aangewend, die niet overtuigend waren opgehelderd door eisers. Zo waren er onduidelijkheden over het moment van contact tussen referente en eiser 1 en over het verblijf van referente na haar vrijlating. De door eisers overgelegde documenten boden geen objectief bewijs van de gezinsband.
Op grond hiervan oordeelde de rechtbank dat de gezinsband niet aannemelijk was gemaakt en dat de weigering van de mvv in rechte stand bleef. Het beroep werd ongegrond verklaard en een veroordeling in proceskosten werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard vanwege onvoldoende aannemelijkheid van de feitelijke gezinsband.