ECLI:NL:RBSGR:2011:BU8209
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.B. de Vries-van den Heuvel
- G.W.S. de Groot
- S. Kleij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beëindiging verblijf en ongewenstverklaring wegens onvoldoende actuele bedreiging openbare orde
Eiser, een Italiaans staatsburger, werd door verweerder het verblijfsrecht ontzegd en ongewenst verklaard vanwege een strafrechtelijke veroordeling en vermeende actuele bedreiging van de openbare orde. Verweerder baseerde dit op artikel 8.22 van het Vreemdelingenbesluit 2000 en artikel 67 van Pro de Vreemdelingenwet 2000.
De rechtbank oordeelt dat het aan verweerder is om te bewijzen dat eiser een actuele, werkelijke en ernstige bedreiging vormt. Hoewel eiser in 2009 werd veroordeeld tot 21 maanden gevangenisstraf voor diefstal met geweld, is sindsdien geen recidive vastgesteld en is zijn gedrag verbeterd, zoals blijkt uit het ontbreken van nieuwe strafbare feiten en positieve gedragsindicatoren.
Verweerder heeft niet voldoende gemotiveerd waarom de eerdere veroordeling zou leiden tot een actuele dreiging. Het reclasseringsrapport en andere stukken bieden onvoldoende bewijs voor recidivegevaar. De rechtbank concludeert dat de cumulatieve voorwaarden voor beëindiging van het verblijf en ongewenstverklaring niet zijn vervuld.
Daarom vernietigt de rechtbank het bestreden besluit en herroept het oorspronkelijke besluit. Tevens veroordeelt zij verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eiser.
Uitkomst: Het besluit tot beëindiging van het verblijf en ongewenstverklaring van eiser wordt vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing van een actuele bedreiging.