ECLI:NL:RBSGR:2011:BU6573
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke toetsing overplaatsing en voorwaardelijk ontslag politieambtenaar wegens plichtsverzuim
Eiser, een politieambtenaar, werd overgeplaatst en kreeg een disciplinaire straf van voorwaardelijk ontslag opgelegd wegens ernstig plichtsverzuim, waaronder het aangaan van een relatie met een wijkbewoonster die zich tot de politie had gewend met hulpvragen, en het onzorgvuldig omgaan met in beslag genomen goederen. De relatie werd pas laat gemeld, wat het aanzien van de politieorganisatie kon schaden.
De rechtbank oordeelt dat de overplaatsing gegrond was op artikel 64 van Pro het Barp, waarbij het belang van de dienst een andere functie en plaats van tewerkstelling vereiste. De toegewezen functie werd passend geacht, mede omdat de bezoldiging en rang niet negatief werden beïnvloed. De gedragingen die samenhingen met het plichtsverzuim waren voldoende vastgesteld, maar enkele verwijten vielen weg of werden als bijvangst beschouwd.
De rechtbank vond het plichtsverzuim niet zo ernstig dat het voorwaardelijk ontslag gerechtvaardigd was, mede omdat de proeftijd was verstreken en goed was doorstaan. Daarom werd het besluit tot ontslag vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen. Het beroep tegen de overplaatsing werd ongegrond verklaard. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep is gegrond verklaard voor het voorwaardelijk ontslag en ongegrond voor de overplaatsing; het ontslagbesluit is vernietigd.