ECLI:NL:RBSGR:2011:BU3656
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot benoeming bijzondere curator voor minderjarige bij belangenconflict
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde een verzoek tot benoeming van een bijzondere curator voor een minderjarige, ingediend op 8 augustus 2011. Volgens artikel 1:250 BW Pro kan een bijzondere curator worden benoemd wanneer er een belangenconflict bestaat tussen de minderjarige en de met het gezag belaste ouders. De minderjarige was voorlopig onder toezicht gesteld en een gezinsvoogd was benoemd.
Tijdens de zitting op 22 september 2011 werden de standpunten van de advocaat van de minderjarige, de ouders, de Raad voor de Kinderbescherming en Bureau Jeugdzorg gehoord. De advocaat stelde dat er sprake was van een uitzonderlijke situatie waarin een neutrale vertegenwoordiger noodzakelijk was. De moeder onderschreef dit, terwijl de vader bezwaar maakte. De raad en gezinsvoogd adviseerden tegen benoeming om de situatie niet te compliceren.
De rechtbank concludeerde dat er onvoldoende feitelijke aanknopingspunten waren voor een wezenlijk conflict of belangenstrijd die het belang van de minderjarige onvoldoende behartigde. Ook het IVRK-artikel 12 werd Pro in dit kader als reeds verdisconteerd in artikel 1:250 BW Pro beschouwd. Daarom wees de rechtbank het verzoek tot benoeming van een bijzondere curator af.
Uitkomst: Het verzoek tot benoeming van een bijzondere curator wordt afgewezen wegens ontbreken van een wezenlijk belangenconflict.