ECLI:NL:RBSGR:2011:BT8384
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens ongeloofwaardig asielrelaas en geen reëel EVRM-risico bij terugkeer naar Syrië
Eiser heeft meerdere asielaanvragen ingediend, die steeds zijn afgewezen vanwege een ongeloofwaardig asielrelaas. Hij stelt dat hij in Syrië wordt gezocht en risico loopt op mishandeling en foltering bij terugkeer, mede onderbouwd met kopieën van arrestatiebevelen en vonnissen. De rechtbank beoordeelt of deze documenten authentiek zijn en of er sprake is van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden die rechtvaardigen dat het eerdere besluit wordt herzien.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de overgelegde kopieën authentiek zijn, mede omdat de wijze van verkrijging onduidelijk is en deskundigen de authenticiteit niet konden bevestigen. Ook is niet aannemelijk dat eiser door de Syrische autoriteiten als verdachte wordt aangemerkt, mede vanwege het ongeloofwaardige asielrelaas en de aard van de laissez-passer. Het ambtsbericht bevestigt dat aanhouding bij terugkeer standaard is voor identiteitscontrole, maar mishandeling vindt alleen plaats bij verdachte personen.
De rechtbank concludeert dat eiser geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die afdoen aan het eerdere oordeel. Ook het risico op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro is onvoldoende onderbouwd. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege het ongeloofwaardige asielrelaas en het ontbreken van een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM.