ECLI:NL:RBSGR:2011:BR6979
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek opvang wegens ontbreken zeer bijzondere omstandigheden
Eiseres verzocht om opvang bij het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) op dezelfde locatie als haar vader, die vanwege ernstige psychische problemen door het COA wordt opgevangen. Eiseres stelde dat er sprake is van een bijzondere afhankelijkheidsrelatie tussen haar en haar vader, onderbouwd met medische verklaringen en eerdere uitspraken van de rechtbank.
Verweerder wees het verzoek af omdat eiseres niet behoort tot een categorie vreemdelingen die recht heeft op opvang en onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er zeer bijzondere omstandigheden zijn die tot opvang nopen. Verweerder stelde dat eiseres haar vader gedurende ruime bezoektijden kan bezoeken, wat eiseres betwistte.
De rechtbank oordeelde dat het standpunt van verweerder over het niet benutten van bezoektijden te laat in de procedure is ingebracht en buiten beschouwing blijft. De rechtbank concludeerde dat de door eiseres aangevoerde omstandigheden vooral betrekking hebben op haar vader en niet binnen het wettelijk kader vallen waarbinnen opvang wordt verleend. Bovendien is niet gebleken dat eiseres niet op andere manieren in de begeleiding van haar vader kan voorzien.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en vond dat het bestreden besluit zorgvuldig is genomen en deugdelijk is gemotiveerd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek om opvang wordt ongegrond verklaard omdat geen sprake is van zeer bijzondere omstandigheden die opvang rechtvaardigen.