ECLI:NL:RBSGR:2011:BR4952
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Geen belang eisers bij verbod op strafrechtelijke ontruiming na voltooide ontruiming pand
Eisers hadden een pand gekraakt en vorderden in kort geding een verbod op strafrechtelijke ontruiming en bescherming van hun huisrecht. De Staat had het pand op 1 augustus 2011 ontruimd en de krakers aangehouden. Eisers stelden dat hun huisrecht voortduurde omdat nog goederen in het pand achterbleven.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de ontruiming feitelijk was voltooid toen de personen waren verwijderd en het pand was afgesloten. Het enkele feit dat goederen achterbleven, maakte dit niet anders. De wetgever heeft met artikel 551a Sv expliciet de bevoegdheid van opsporingsambtenaren tot ontruiming en verwijderen van personen en voorwerpen geregeld, waarbij het verwijderen van goederen een technische toevoeging is en niet bepalend voor het einde van de ontruiming.
Daarnaast oordeelde de rechter dat eisers geen belang meer hadden bij hun vorderingen en dat het niet aannemelijk was dat de Staat zonder degelijk onderzoek tot vervolging zou overgaan. De vorderingen werden afgewezen en eisers werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Eisers worden niet-ontvankelijk verklaard en vorderingen afgewezen omdat de ontruiming is voltooid en het huisrecht is geëindigd.