ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ9963
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezamenlijk gezag vader en moeder; gezag aan moeder en stiefvader
De moeder en de stiefvader verzochten de rechtbank om het gezamenlijk gezag van de vader en moeder over de minderjarige te beëindigen en het gezag toe te wijzen aan de moeder en stiefvader gezamenlijk. De vader stemde in met zijn ontheffing uit het gezag en met het gezamenlijk gezag van de moeder en stiefvader.
De rechtbank constateerde dat de minderjarige al geruime tijd bij de moeder en stiefvader woont en dat de vader nauwelijks contact heeft en feitelijk niet meer samen met de moeder het gezag uitoefent. De moeder oefent het gezag feitelijk alleen uit, samen met de stiefvader. De rechtbank vond het in het belang van het kind om de juridische situatie aan te passen aan de feitelijke situatie.
De stiefvader werd niet ontvankelijk verklaard in zijn eigen verzoek omdat hij niet tot de kring van verzoekers behoort. De wettelijke termijn van drie jaar alleen gezag door de moeder was nog niet bereikt, maar vanwege de ernstige ziekte van de moeder en het belang van het kind werd het verzoek toch toegewezen.
De rechtbank overwoog dat het kind in gezinsverband met de moeder, stiefvader en halfbroertje kan blijven wonen en dat dit het beste wordt gewaarborgd door gezamenlijk gezag aan moeder en stiefvader toe te wijzen. Er was geen gegronde vrees dat de belangen van het kind of de vader zouden worden geschaad. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad gegeven.
Uitkomst: Het gezag over de minderjarige wordt gewijzigd zodat de vader wordt ontheven en de moeder samen met de stiefvader het gezag uitoefent.