ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ7749
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid vreemdelingenbewaring en recht op rechtsbijstand bij gehoren
Eiser is op 12 mei 2011 in vreemdelingenbewaring gesteld en heeft hiertegen beroep ingesteld. Hij stelde dat zijn recht op rechtsbijstand tijdens de gehoren was geschonden omdat zijn voorkeursadvocaat niet aanwezig was en de politie naliet een piketadvocaat te bellen. De rechtbank overwoog dat noch uit het Vreemdelingenbesluit 2000 noch uit het beleid volgt dat de politie verplicht was een piketadvocaat te bellen nadat de voorkeursadvocaat niet beschikbaar was.
De rechtbank stelde vast dat eiser behoefte had aan rechtsbijstand, dat zijn gemachtigde telefonisch en per fax was geïnformeerd, maar dat de gehoren zonder diens aanwezigheid plaatsvonden. De verantwoordelijkheid om voor vervanging te zorgen lag bij de voorkeursadvocaat. Daarnaast werd beoordeeld of de maatregel van vreemdelingenbewaring rechtmatig en redelijk was, waarbij werd vastgesteld dat eiser niet voldeed aan vertrekverplichtingen en er een reëel vooruitzicht op verwijdering bestond.
De rechtbank verwierp het beroep en oordeelde dat de bewaring niet onrechtmatig was en dat een lichter middel niet passend was. Ook werd het verzoek om schadevergoeding afgewezen. De uitspraak bevestigt dat de vrijheidsontnemende maatregel in rechte stand kan houden.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.