ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ7556
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bewezenverklaring en vrijspraak voor opzettelijk bezit van 683 kilogram cocaïne
Op 29 augustus 2008 werd bij het bedrijf van verdachte een container met bakbananen gecontroleerd, waarbij een pakket met vermoedelijke cocaïne werd aangetroffen. Verdachte en anderen besloten aanvankelijk de politie niet te informeren en beraamden plannen om de cocaïne te verbranden of te begraven. Pas na ongeveer vijf uur, toen de omvang van de vondst duidelijk werd, werd de politie alsnog ingeschakeld.
De rechtbank stelde vast dat verdachte de cocaïne in zijn machtssfeer had en dat hij bewust de aanmerkelijke kans aanvaardde dat het om cocaïne ging. De verdediging voerde aan dat kort bezit niet strafbaar was en dat verdachte geen opzet had, maar de rechtbank verwierp deze verweren en benadrukte dat alleen wettelijk bepaalde uitzonderingen op het bezit van harddrugs niet strafbaar zijn.
Hoewel verdachte schuldig werd verklaard aan het opzettelijk aanwezig hebben van cocaïne, legde de rechtbank geen straf op vanwege de omstandigheden, waaronder het melden van de vondst en de impact op het gezin van verdachte. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte schuldig verklaard voor opzettelijk bezit van 683 kilogram cocaïne, maar zonder strafoplegging vrijgesproken.