ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ6068
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling totstandkoming overeenkomst schadevergoeding na bedrijfsongeval
Op 7 augustus 2000 liep verzoeker als werknemer een bedrijfsongeval op, waarna schadeafwikkeling met de verzekeraar van de werkgever, Axa, werd gestart. Na uitgebreide correspondentie over de hoogte van de schadevergoeding en kosten rechtsbijstand ontstond een geschil over de vraag of een definitieve overeenkomst tot stand was gekomen.
De rechtbank beoordeelt dat een overeenkomst tot stand komt door aanbod en aanvaarding, zonder schriftelijkheidsvereiste tenzij anders overeengekomen. Hoewel Axa ondertekening van een vaststellingsovereenkomst vroeg, stelde zij dit niet als voorwaarde voor totstandkoming. Correspondentie toont dat partijen overeenstemming bereikten over een totale vergoeding van €31.300, waarvan €20.800 reeds was betaald, met een slotbetaling van €10.500.
Verzoeker stelde dat geen overeenkomst bestond omdat hij de vaststellingsovereenkomst niet ondertekende en betaling vertraagd was. De rechtbank oordeelt dat de overeenkomst op 6 juli 2007 tot stand kwam en dat late betaling een tekortkoming betreft die recht geeft op rentevergoeding, welke is voldaan. Het verzoek van verzoeker wordt afgewezen.
Daarnaast begroot de rechtbank de kosten van verzoeker aan de zijde van de persoon die schade lijdt op €2.924,25, rekening houdend met redelijkheid en specificaties. De beslissing bevestigt dat de deelgeschilprocedure passend is om impasse in onderhandelingen te doorbreken.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat een overeenkomst tot stand is gekomen en wijst het verzoek tot verklaring van geen overeenkomst af.