ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ2016
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Diefstal en erfvredebreuk bij Libische ambassade in Den Haag
Op 21 februari 2011 hebben verdachte en vier anderen de Libische vlag van het terrein van de ambassade in Den Haag weggenomen en het erf betreden zonder toestemming. De actie was een spontane protesthandeling tegen het geweld in Libië. Verdachte en medeverdachten klommen over het hek, haalden de vlag van de mast en gaven deze door aan een medeverdachte die de vlag in een auto legde.
De verdediging voerde aan dat de daad symbolisch was en geen wederrechtelijke toe-eigening betrof, en dat sprake was van psychische overmacht vanwege de situatie in Libië. De rechtbank verwierp deze verweren, stellende dat sprake was van feitelijke heerschappij en dat er legitieme alternatieven waren voor demonstratie.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte zich schuldig maakte aan diefstal door vereniging en aan erfvredebreuk. Gezien de omstandigheden en het ontbreken van materiële schade legde de politierechter een geheel voorwaardelijke geldboete van €250 op met een proeftijd van twee jaar.
De rechtbank benadrukte dat hoewel de motieven van verdachte begrijpelijk waren, het handelen binnen de Nederlandse rechtsorde moet blijven. De straf weerspiegelt de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke geldboete van €250 wegens diefstal door vereniging en erfvredebreuk.