ECLI:NL:RBSGR:2011:BP6091
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- M.Th. Nijhuis
- Rechtspraak.nl
Niet ontvankelijkheid eiser wegens openstaande rechtsgang bij RSJ en ontbreken spoedeisend belang
Eiser is veroordeeld tot gevangenisstraf en TBS en verzocht om plaatsing in een TBS-kliniek op basis van de Fokkensregeling. De minister van Veiligheid en Justitie weigerde dit vanwege een wijzigingsbesluit. Eiser stelde beroep in bij de RSJ, maar de behandeling daarvan werd meerdere malen uitgesteld wegens verhindering van zijn advocaat.
Eiser vorderde in kort geding dat hij binnen twee dagen geplaatst zou worden in een TBS-kliniek. De voorzieningenrechter oordeelde dat er een met voldoende waarborgen omklede rechtsgang bij de RSJ openstaat en dat eiser geen spoedeisend belang heeft om de uitspraak van de RSJ niet af te wachten. De verhindering van de advocaat lag in de risicosfeer van eiser.
De behandeling bij de RSJ stond bovendien op korte termijn gepland. Daarom werd eiser niet ontvankelijk verklaard in zijn vordering en veroordeeld in de kosten van het geding. Een inhoudelijke beoordeling van de vordering vond niet plaats.
Uitkomst: Eiser wordt niet ontvankelijk verklaard wegens openstaande rechtsgang bij de RSJ en ontbrekend spoedeisend belang.