ECLI:NL:RBSGR:2011:BP3558
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.H.Th. de Boer
- R. Brand
- S.M. Krans
- Rechtspraak.nl
Bewijsuitsluiting wegens niet wijzen op consultatierecht bij hennepteeltzaak
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde een zaak waarin verdachte werd verdacht van hennepteelt en diefstal van elektriciteit. Verdachte had zich op eigen initiatief bij de politie gemeld en daarna verklaringen afgelegd, maar was niet vooraf gewezen op zijn recht op advocaatconsultatie (consultatierecht). De raadsman voerde aan dat dit een ernstig vormverzuim opleverde, wat bewijsuitsluiting tot gevolg moest hebben.
De rechtbank volgde de jurisprudentie van de Hoge Raad en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) en oordeelde dat de verklaringen van verdachte die vóór het raadplegen van een advocaat waren afgelegd, moesten worden uitgesloten van het bewijs. Dit leidde tot vrijspraak van de tenlasteleggingen van hennepteelt in de periode mei-december 2008 en diefstal van elektriciteit, omdat het bewijs onvoldoende was zonder de uitgesloten verklaringen.
Wel werd het feit van het aanwezig hebben van ongeveer 500 gram hennep en 435 hennepplanten op 22 december 2008 wettig en overtuigend bewezen verklaard op basis van andere bewijsmiddelen, waaronder een aangifte van Eneco en verklaringen van minderjarigen. Verdachte werd hiervoor veroordeeld tot een werkstraf van 100 uur, waarvan een deel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De rechtbank hield rekening met het feit dat het delict ruim twee jaar geleden was gepleegd en dat verdachte reeds eerder voor drugsdelicten was veroordeeld.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van enkele feiten wegens bewijsuitsluiting en veroordeeld tot een werkstraf voor hennepbezit op 22 december 2008.