ECLI:NL:RBSGR:2010:BX1576
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toepassing paspoortvrijstelling Pardonregeling op na 13 december 2006 in Nederland geboren kinderen
Eiseres, een in Nederland geboren kind van een moeder die vrijstelling van het paspoortvereiste op grond van de Pardonregeling heeft gekregen, werd de verblijfsvergunning geweigerd vanwege het ontbreken van een geldig document voor grensoverschrijding. De kern van het geschil betrof de uitleg van de tweede volzin van paragraaf 5.7 van het Wijzigingsbesluit Vreemdelingencirculaire 2007/11 (WBV 2007/11), waarin wordt bepaald dat verblijf wordt toegestaan aan gezinsleden die uiterlijk op 13 december 2006 Nederland zijn ingereisd en aan in Nederland geboren kinderen.
De rechtbank heeft de zaak geschorst om verweerder in de gelegenheid te stellen de toepasselijkheid van het WBV 2007/11 op na 13 december 2006 geboren kinderen te verduidelijken. Verweerder stelde dat de regeling beperkt is tot vreemdelingen die uiterlijk op 13 december 2006 in Nederland verbleven, en dat ook voor in Nederland geboren kinderen die peildatum geldt. De rechtbank vond deze uitleg niet redelijk, mede omdat verweerder geen overtuigend bewijs leverde dat het beleid expliciet kinderen uitsluit die vóór 13 december 2006 waren verwekt maar daarna geboren.
Verder concludeerde de rechtbank dat de praktische oplossingen en brieven van de Immigratie- en naturalisatiedienst, het Rijk en de VNG niet betekenen dat deze kinderen buiten de regeling vallen. De rechtbank wees erop dat het Nederlandse recht het toekennen van rechten aan reeds verwekte, nog ongeboren kinderen niet ongebruikelijk acht. Het beroep van eiseres werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder dient binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen.