ECLI:NL:RBSGR:2010:BR4452
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijke onjuiste aangifte omzetbelasting en belastingfraude
De rechtbank 's-Gravenhage heeft verdachte veroordeeld voor het opzettelijk doen van een onjuiste aangifte omzetbelasting over het vierde kwartaal van 2006. Verdachte gaf een te hoog bedrag aan terug te vragen omzetbelasting en voorbelasting op, gebaseerd op een gefingeerde koopovereenkomst van een octrooi dat feitelijk niets waard was.
Het bewijs bestond uit verklaringen van deskundigen en getuigen, waaronder een patent attorney en een onderzoeker die bevestigden dat het octrooi was vervallen. Ook werd vastgesteld dat de directeur van verdachte en voormalig directeur van de verkopende partij een schijnconstructie had bedacht waarbij een derde als stroman optrad om de koopovereenkomst te tekenen.
De rechtbank oordeelde dat verdachte misbruik heeft gemaakt van het vertrouwen van de Belastingdienst in de elektronische aangifte, waardoor de Belastingdienst ten onrechte €118.852 heeft terugbetaald. Verdachte gebruikte het geld onder meer om belastingschulden te voldoen.
De verdediging pleitte vrijspraak, maar dit werd verworpen. De rechtbank hield rekening met het feit dat verdachte niet eerder was veroordeeld en legde een geldboete van €30.000 op. De straf is gebaseerd op de artikelen 23 en 24 van het Wetboek van Strafrecht en artikelen 68 en 69 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €30.000 wegens opzettelijke onjuiste aangifte omzetbelasting en belastingfraude.