ECLI:NL:RBSGR:2010:BP6006
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.H. Banda
- E. Steendijk
- S.M. Milani
- Rechtspraak.nl
Ongewenstverklaring vreemdeling wegens buitenlandse drugsvonnis onvoldoende zorgvuldig getoetst
Eiser, een vreemdeling van Burundese nationaliteit, is op grond van artikel 67 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 ongewenst verklaard vanwege een gevangenisstraf van acht jaar in Ecuador voor een opiumdelict. De Nederlandse overheid baseerde deze ongewenstverklaring op een strafmaatvergelijking met Nederlandse richtlijnen, waarbij een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 251 dagen werd gehanteerd.
Eiser betwistte deze vergelijking en verwees naar de Oriëntatiepunten straftoemeting, die lagere straffen voorschrijven voor categorieën drugskoeriers zoals 'pakezels'. De rechtbank constateerde dat het Openbaar Ministerie onzorgvuldig had gehandeld door onjuiste en onvolledige informatie te verstrekken over de toepasselijkheid van deze Oriëntatiepunten en dat verweerder niet had voldaan aan zijn vergewisplicht.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit niet zorgvuldig tot stand was gekomen en daarom niet in stand kan blijven. Verweerder krijgt de gelegenheid om binnen zes weken het gebrek te herstellen door een nieuw, zorgvuldig onderzoek naar de strafmaatvergelijking uit te voeren en op basis daarvan een nieuwe beslissing te nemen. De rechtsgevolgen van de ongewenstverklaring worden geschorst totdat de rechtbank een einduitspraak doet.
Uitkomst: Het besluit tot ongewenstverklaring wordt geschorst en verweerder krijgt zes weken om het besluit te herstellen door een zorgvuldige strafmaatvergelijking.