ECLI:NL:RBSGR:2010:BO6907
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen vreemdelingenbewaring en uitzetting naar China
Eiser is op 18 november 2010 in vreemdelingenbewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 vanwege het ontbreken van een identiteitsdocument, verdenking van een misdrijf, het niet naleven van de vertrektermijn en het ontbreken van middelen van bestaan en verblijfplaats. Eiser voerde aan dat het zicht op uitzetting naar China ontbreekt, verwijzend naar een eerdere uitspraak van de rechtbank Dordrecht.
Verweerder stelde dat er sprake is van een structurele wijziging in de opstelling van de Chinese autoriteiten, met concrete toezeggingen en daadwerkelijke verstrekking van laissez passer en uitzettingen in 2010. De rechtbank volgt deze lijn en acht het zicht op uitzetting onverkort aanwezig. Tevens overweegt de rechtbank dat eiser de plicht heeft mee te werken aan zijn uitzetting, waaronder het verkrijgen van een paspoort.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen omdat geen omstandigheden zijn gesteld die een vergoeding rechtvaardigen. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.