ECLI:NL:RBSGR:2010:BO4497
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- S.W.S. Kiliç
- H.C. Greeuw
- K. van Dijk
- Rechtspraak.nl
Herziening intrekking verblijfsvergunning en schadevergoeding op grond van Besluit 1/80
Eiser, van Turkse nationaliteit, had een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd die op 13 september 2002 werd ingetrokken wegens vermeend vertrek uit Nederland met onbekende bestemming. Eiser verzocht om herziening en schadevergoeding. De rechtbank oordeelt dat het besluit van 2002 formele rechtskracht heeft verkregen en dat herziening alleen mogelijk is bij nieuwe feiten of veranderde omstandigheden, welke niet zijn aangetoond.
Verweerder handelde niet onrechtmatig bij de intrekking in 2002. Wel was het besluit van 20 september 2006, waarbij een aanvraag van eiser werd afgewezen zonder de door hem verstrekte gegevens te betrekken, onrechtmatig. Dit leidde tot een onvoldoende gemotiveerd besluit en onzorgvuldige voorbereiding. De rechtbank beveelt een nieuw besluit over de schadevergoeding te nemen.
Eiser vorderde vergoeding voor onrechtmatige vreemdelingenbewaring, gederfde WAO-uitkering, proceskosten en immateriële schade. De rechtbank wijst vergoeding immateriële schade af vanwege het ontbreken van een redelijke termijnoverschrijding in de bezwaarprocedure. Verweerder wordt veroordeeld in proceskosten en tot vergoeding van griffierecht. Het beroep tegen het besluit van 2002 wordt ongegrond verklaard, het beroep tegen het schadevergoedingsbesluit wordt gegrond verklaard.
Uitkomst: Beroep tegen intrekking verblijfsvergunning ongegrond, beroep tegen schadevergoeding gegrond met opdracht tot nieuw besluit.