ECLI:NL:RBSGR:2010:BO2992
Rechtbank 's-Gravenhage
- Raadkamer
- Steenhuis
- Van Loenhoud
- Bouman
- Rechtspraak.nl
Rechtmatige inverzekeringstelling en bewaring verdachte na aanhouding wegens diefstal en heling
Op 19 oktober 2010 werd een auto met vier inzittenden staande gehouden wegens defecte verlichting. De bestuurder kon geen geldig legitimatiebewijs tonen en gaf een valse naam op. Na fouillering en het openen van de kofferruimte werden goederen aangetroffen die niet in nieuwstaat verkeerden, vermoedelijk afkomstig van diefstal. Alle inzittenden, waaronder verdachte, werden aangehouden op verdenking van diefstal en heling.
De rechtbank beoordeelde of de verbalisanten bevoegd waren de kofferruimte te openen en concludeerde dat dit rechtmatig was op grond van de Politiewet en het Wetboek van Strafvordering, gezien het ontbreken van een legitimatiebewijs en het vermoeden van strafbare feiten. Tevens werd vastgesteld dat er een redelijk vermoeden van schuld bestond, mede doordat verdachte en een medeverdachte bekend stonden bij de politie vanwege eerdere inbraken.
Gezien de aangetroffen goederen en dactyloscopische sporen die aan verdachte en een medeverdachte konden worden gekoppeld, achtte de rechtbank ernstige bezwaren aanwezig voor inbewaringstelling. De eerdere veroordelingen van verdachte en het risico op herhaling maakten bewaring noodzakelijk. Het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het hoger beroep van de officier van justitie gegrond, vernietigde de eerdere beslissingen van de rechter-commissaris en bevelde bewaring voor veertien dagen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de inverzekeringstelling rechtmatig en beveelt bewaring voor veertien dagen wegens verdenking van diefstal en heling.