ECLI:NL:RBSGR:2010:BO1531
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.W. du Pon
- J.E.M.G. van Wezel
- J.Th. van Walderveen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter-commissaris wegens procedurele beslissing
In deze strafzaak werd op 26 juli 2010 de verdachte verwezen naar de rechter-commissaris voor het horen van getuigen. Tijdens het verhoor van een getuige op 27 augustus 2010 belette de rechter-commissaris een vraag van de raadsman te stellen en ook de toelichting daarop. Hiertegen werd wraking van de rechter-commissaris verzocht.
De wrakingskamer behandelde het verzoek op 30 augustus 2010. De raadsman stelde dat artikel 187b Sv analoog moest worden toegepast zoals artikel 293 Sv Pro, waarbij de raadsman de mogelijkheid moet krijgen zijn vraag te motiveren. Ook werd twijfel geuit over de onpartijdigheid van de rechter-commissaris vanwege zijn eerdere rol als voorzitter van de strafkamer.
De rechter-commissaris en de officier van justitie voerden aan dat het beletten van vragen een procedurele bevoegdheid is die geen voorafgaande hoorzitting van de raadsman vereist en geen grond voor wraking vormt. De wrakingskamer oordeelde dat de rechter-commissaris moet worden vermoed onpartijdig te zijn en dat de aangevoerde feiten geen zwaarwegende aanwijzing voor vooringenomenheid geven.
Het verzoek tot wraking werd daarom afgewezen en de strafzaak werd voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris wordt afgewezen en de strafzaak wordt voortgezet.