ECLI:NL:RBSGR:2010:BO1097
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot verschoning rechter wegens nauwe samenwerking met advocaat partij
Op 9 september 2010 diende rechter mr. [X] een schriftelijk verzoek tot verschoning in omdat de inhoudelijke behandeling van de hoofdzaak door een advocaat werd overgenomen met wie hij in het verleden nauw had samengewerkt. Dit verzoek werd toegezonden aan beide advocaten van partijen, die hierop reageerden. De advocaat van KPN had geen bezwaar, terwijl de advocaat van eiser aangaf dat toewijzing zou leiden tot vertraging, maar dit niet in het belang van zijn cliënt was.
De verschoningskamer oordeelde dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er een zwaarwegende aanwijzing is voor mogelijke vooringenomenheid of een objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor bij de rechtzoekende. Gezien de nauwe samenwerking tussen mr. [X] en de advocaat van KPN was er sprake van een situatie die de schijn van partijdigheid kon wekken.
Daarom werd het verzoek tot verschoning toegewezen om de schijn van partijdigheid te vermijden, ondanks de mogelijke vertraging in de hoofdzaak. De behandeling van de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het verzoek tot verschoning.
De beslissing werd genomen door de meervoudige verschoningskamer van de Rechtbank 's-Gravenhage op 27 september 2010, bestaande uit de rechters D. Aarts, F.J. Verbeek en H.M.D. de Jong, in aanwezigheid van griffier J. Kriense Lokker.
Uitkomst: Verzoek tot verschoning van rechter mr. [X] toegewezen wegens nauwe samenwerking met advocaat van KPN.