ECLI:NL:RBSGR:2010:BO0506
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvragen wegens gebrek aan positieve overtuigingskracht en onvoldoende onderbouwing
Verzoeksters, van Iraanse nationaliteit, hebben asielaanvragen ingediend die door de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) zijn afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en gebrek aan geloofwaardigheid van het asielrelaas.
De rechtbank beoordeelt dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom bepaalde aspecten van het relaas, zoals de inval in het huis en het atheïsme van verzoekster sub 2, ongeloofwaardig zouden zijn. Desondanks oordeelt de rechtbank dat verweerder terecht heeft vastgesteld dat het asielrelaas geen positieve overtuigingskracht bezit vanwege bevreemdende verklaringen en inconsistenties.
Verzoeksters hebben hun identiteit en nationaliteit aannemelijk gemaakt met een rijbewijs, maar konden het ontbreken van reisdocumenten niet toerekenen aan dwang, waardoor verweerder dit als toerekenbaar gebrek mocht beschouwen.
De rechtbank concludeert dat verzoeksters niet in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning op grond van artikel 29 Vreemdelingenwet Pro 2000 en wijst zowel de voorlopige voorzieningen als de beroepen af. Er is geen aanleiding tot nader onderzoek of proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank wijst de asielaanvragen af wegens gebrek aan positieve overtuigingskracht en toerekenbaar ontbreken van documenten.