ECLI:NL:RBSGR:2010:BN8699
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Beoordelingssystematiek aanbesteding pneumokokkenvaccin niet in strijd met gelijkheidsbeginsel
In deze zaak staat de aanbestedingsprocedure voor een nieuw pneumokokkenvaccin centraal, waarbij GSK bezwaar maakt tegen de beoordelingssystematiek van het Nederlands Vaccin Instituut (NVI). GSK stelt dat de gehanteerde criteria, met name de weging van het aantal serotypen en de EMA-registratie voor longontsteking, disproportioneel en discriminerend zijn, waardoor zij geen eerlijke kans maakt in de aanbesteding.
De rechtbank bespreekt de feiten, waaronder het advies van de Gezondheidsraad over de vaccins PCV 10 (GSK) en PCV 13 (Pfizer), en de wijze waarop het NVI de criteria heeft vastgesteld. Het NVI hanteert een systeem waarbij de prijs wordt gedeeld door het aantal serotypen, en de EMA-registratie voor longontsteking als subcriterium wordt meegenomen. GSK betwist de proportionaliteit hiervan en wijst op het advies van de Gezondheidsraad dat beide vaccins geschikt zijn.
De rechtbank concludeert dat het NVI is uitgegaan van harde gegevens en een transparante, objectieve beoordelingssystematiek. De door GSK aangevoerde rekenvoorbeelden houden onvoldoende rekening met andere subcriteria waarop onderscheid kan worden gemaakt. Ook is de EMA-registratie als onderscheidend criterium niet onredelijk. De vordering van GSK wordt afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van GSK wordt afgewezen; de beoordelingssystematiek van het NVI is niet in strijd met het gelijkheidsbeginsel.