ECLI:NL:RBSGR:2010:BN5567
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning Irak op grond van vreemdelingenrecht
Eiser, een Iraakse asielzoeker uit de provincie Najaf, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Verweerder wees de aanvraag af vanwege onvoldoende geloofwaardigheid van het asielrelaas en het ontbreken van documenten.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht het ontbreken van documenten aan eiser mocht toerekenen en dat het asielrelaas onvoldoende overtuigend en tegenstrijdig was. De rechtbank verwijst naar jurisprudentie en beleidsregels omtrent de beoordeling van geloofwaardigheid en het ontbreken van documenten.
Eiser voerde aan dat er sprake is van een binnenlands gewapend conflict in Irak en dat hij een reëel risico loopt op ernstige schade door willekeurig geweld. De rechtbank volgt dit niet, verwijzend naar het EHRM-arrest F.H. tegen Zweden en recente ambtsberichten die de situatie in Najaf als relatief stabiel beschouwen.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit wegens strijd met de Awb, verklaart het beroep gegrond, maar bepaalt dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand blijven. Tevens veroordeelt zij verweerder in de proceskosten ten bedrage van €644,= die rechtstreeks aan de griffier worden betaald.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de verblijfsvergunning wordt vernietigd, met inachtneming van de rechtsgevolgen.