ECLI:NL:RBSGR:2010:BN2147
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E.H.M. Druijf
- R.P. van der Pijl
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid vreemdelingenbewaring en Dublin-claim verzending aan Spanje
Eiser is op 30 juni 2010 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 vanwege het ontbreken van een geldig identiteitsbewijs, verblijfplaats, voldoende middelen en het gebruik van aliassen.
Eiser betwistte dat de Dublin-claim daadwerkelijk aan de Spaanse autoriteiten was verzonden, omdat hiervan geen afschrift in het dossier aanwezig was. Verweerders gemachtigde verklaarde echter dat de claim op 7 juli 2010, dezelfde dag als het vertrekgesprek, maar op een later tijdstip, naar Spanje is verzonden en dat dergelijke stukken als diplomatieke post niet in het dossier worden opgenomen.
De rechtbank acht de verklaring van verweerder betrouwbaar en concludeert dat de bewaring niet onrechtmatig is. Er is voldoende grond om te vermoeden dat eiser zich aan uitzetting zal onttrekken en verweerder heeft redelijk gehandeld door de claim binnen vijf werkdagen te verzenden.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er zijn geen aanwijzingen voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en de bewaring blijft in stand.