ECLI:NL:RBSGR:2010:BN1462
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Bestuursgeschil over rechtsgeldigheid herbenoeming commissarissen en bestuurders Stichting
In deze zaak staat centraal of drie personen, die commissaris waren van UBN, na het verstrijken van hun benoemingstermijn van vier jaar rechtsgeldig zijn herbenoemd. De statuten van UBN en artikel 2:252 BW Pro schrijven voor dat herbenoeming door de algemene vergadering van aandeelhouders moet plaatsvinden. Bewijsstukken van herbenoeming ontbreken en stilzwijgende herbenoeming wordt uitgesloten vanwege de motiveringsplicht en het vereiste vertrouwen van aandeelhouders en werknemers.
De eisers, voormalige commissarissen en bestuurders van de Stichting, vorderden onder meer hun herinschrijving in het handelsregister en medewerking aan herbenoeming. De gedaagden betwistten de rechtsgeldigheid van de herbenoemingen en stelden dat de uitschrijving uit het handelsregister terecht was. De voorzieningenrechter oordeelde dat zonder bewijs van herbenoeming de eisers niet langer als bestuurders konden worden aangemerkt.
Ook het beroep op redelijkheid en billijkheid faalde, ondanks feitelijk bestuurderschap zonder protest. Daarnaast werd geoordeeld dat een ledenraad die uit minder leden bestaat dan statutair vereist, toch haar taken kan uitoefenen. De vorderingen werden afgewezen en de eisers werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van de eisers tot herinschrijving en herbenoeming werden afgewezen wegens ontbreken van geldige herbenoeming.