ECLI:NL:RBSGR:2010:BM3705
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- M.Th. Nijhuis
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens geen onrechtmatige overheidsdaad bij Europese aanbesteding extra Waalbrug
Rijkswaterstaat organiseerde een Europese aanbestedingsprocedure voor het vergroten van de capaciteit van Rijksweg A50 en het ontwerpen van een extra Waalbrug. MNO nam deel aan de concurrentiegerichte dialoog en presenteerde meerdere oplossingsrichtingen voor de vormgeving van de brug. Tijdens een themasessie gaf Rijkswaterstaat kritiek op de eerste oplossingsrichting van MNO, die volgens MNO zodanig was dat het ontwerp niet aan de ambitienotitie voldeed en daardoor onrechtmatig werd afgewezen.
MNO vorderde in kort geding dat Rijkswaterstaat de opdracht niet aan de Combinatie mocht gunnen en de aanbesteding opnieuw moest uitvoeren. Rijkswaterstaat en de Combinatie voerden verweer dat er geen sprake was van onrechtmatig handelen. De voorzieningenrechter oordeelde dat MNO onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat Rijkswaterstaat met twee maten had gemeten of dat het commentaar inhield dat de eerste oplossingsrichting niet voldeed aan de ambitienotitie.
De rechter wees erop dat MNO meerdere mogelijkheden had om het commentaar schriftelijk vast te leggen en te agenderen, maar dit niet had gedaan. De beslissing om een oplossingsrichting los te laten was een eigen keuze van MNO. De vorderingen werden afgewezen en MNO werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van MNO worden afgewezen wegens onvoldoende bewijs van onrechtmatig handelen door Rijkswaterstaat.