ECLI:NL:RBSGR:2010:BL8493
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde aanvraag verblijfsvergunning asiel wegens ontbreken nieuwe feiten
Eiser, een Afghaanse nationaliteit, diende een herhaalde aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel op grond van artikel 28 Vreemdelingenwet Pro 2000. De aanvraag werd afgewezen omdat eerder was vastgesteld dat eiser niet in aanmerking komt voor een vergunning vanwege toepassing van artikel 1 F van het Vluchtelingenverdrag, gelet op zijn verleden bij de KhAD/WAD.
Eiser voerde aan dat hij geen mensenrechtenschendingen heeft gepleegd en overhandigde diverse documenten ter onderbouwing, waaronder verklaringen van Afghaanse instanties en een notitie van de UNHCR. De rechtbank oordeelde dat de aangevoerde documenten niet als nieuwe feiten kunnen worden beschouwd, omdat onduidelijk is hoe deze tot stand zijn gekomen en zij geen objectieve bron vormen. De notitie van de UNHCR werd wel als nieuw feit erkend, maar bood geen concreet aanknopingspunt om het eerdere ambtsbericht te betwisten.
Voorts stelde eiser dat terugkeer naar Afghanistan een schending van artikel 3 EVRM Pro zou opleveren vanwege verslechterde veiligheidssituatie. De rechtbank vond dit onvoldoende onderbouwd en concludeerde dat geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn aangevoerd die een hernieuwde toetsing rechtvaardigen.
Daarmee verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en bevestigde zij het eerdere besluit van de Immigratie- en Naturalisatiedienst. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank 's-Gravenhage op 5 maart 2010.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de herhaalde aanvraag verblijfsvergunning asiel wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van nieuwe feiten.