ECLI:NL:RBSGR:2010:BL6590
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- P.A. Koppen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens geldige inschrijving ondanks abnormale prijsverschillen bij aanbesteding
Rijkswaterstaat organiseerde medio 2009 een Europese niet-openbare aanbesteding voor onderhoudswerkzaamheden in Noord-Nederland. De gunning zou plaatsvinden op basis van de economisch meest voordelige inschrijving, waarbij de fictieve inschrijvingsprijs werd berekend aan de hand van de inschrijvingsprijs en eenheidsprijzen. De Jong deed tijdig een inschrijving, maar Rijkswaterstaat wees deze af en was voornemens de opdracht aan Heijmans te gunnen.
De Jong stelde dat Heijmans een abnormaal lage inschrijvingsprijs had en daarnaast abnormaal hoge eenheidsprijzen hanteerde die niet marktconform zouden zijn, wat volgens De Jong tot onrechtmatigheid van Rijkswaterstaat leidde. Rijkswaterstaat en Heijmans verweerden zich met het standpunt dat de inschrijving van Heijmans niet abnormaal laag was en dat de eenheidsprijzen marktconform waren.
De voorzieningenrechter overwoog dat aanbestedingsregels Rijkswaterstaat niet verplichten abnormaal lage inschrijvingen te weigeren, maar wel de mogelijkheid bieden nadere toelichting te vragen. Heijmans had deze toelichting naar tevredenheid gegeven. De Jong had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de inschrijving van Heijmans zodanig laag was dat de opdracht niet goed kon worden uitgevoerd.
Ook de stelling dat Heijmans abnormaal hoge eenheidsprijzen hanteerde werd verworpen, mede omdat de verschillen in eenheidsprijzen binnen de bandbreedte van andere inschrijvers vielen en de marktconsultatie onvoldoende representatief was. Strategisch inschrijven werd als geoorloofd beschouwd zolang aan de aanbestedingseisen werd voldaan. De vorderingen van De Jong werden afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van De Jong worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.