ECLI:NL:RBSGR:2010:BL6104
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardig asielrelaas en ontbreken subsidiaire bescherming
Eiser, een Somalische asielzoeker afkomstig uit Zuid-Somalië, verzocht om een verblijfsvergunning asiel. Hij stelde dat hij door milities werd gedwongen tot deelname aan gevechten en later werd opgesloten en mishandeld. Verweerder wees de aanvraag af vanwege het ontbreken van documenten ter onderbouwing van de reis en twijfels over de geloofwaardigheid van het asielrelaas, mede gebaseerd op een taalanalyse die aangaf dat eiser niet afkomstig was uit Zuid-Somalië.
Eiser voerde aan dat het ontbreken van documenten niet aan hem toe te rekenen was en dat hij recht had op aanhouding van de besluitvorming in afwachting van een contra-expertise. De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht het ontbreken van documenten aan eiser mocht toerekenen en dat het verzoek om aanhouding onvoldoende was onderbouwd.
De rechtbank bevestigde dat het asielrelaas onvoldoende positieve overtuigingskracht had en dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij onder de bescherming van artikel 15c van de Definitierichtlijn viel, omdat niet vaststond dat er een binnenlands gewapend conflict in heel Somalië was. Ook het beroep op de inherente afwijkingsbevoegdheid faalde. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de asielaanvraag bevestigd.