ECLI:NL:RBSGR:2010:BL2344
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Afwijzing inschrijving Sligro wegens niet voldoen aan minimumeisen aanbesteding
De Staat heeft een Europese aanbesteding uitgeschreven voor de groothandels- en distributiefunctie van voedingsmiddelen, bestaande uit twee percelen met een totale waarde van circa 32 miljoen euro. Sligro en Kruidenier schreven in op beide percelen, waarbij Sligro aanvankelijk als economisch meest voordelige inschrijver werd aangewezen. Kruidenier startte een kort geding tegen de Staat wegens schending van aanbestedingsregels, waarop de rechter de Staat verbood de opdracht voor perceel 1 aan Sligro te gunnen en heraanbesteding beval.
Na deze uitspraak herbeoordeelde de Staat de inschrijvingen en trok het het gunningsvoornemen aan Sligro in, omdat Sligro niet voldeed aan essentiële minimumeisen: de referentieprojecten voldeden niet aan de gestelde eisen, de inschrijving was onvolledig geprijsd en de vereiste moederverklaring ontbrak of was onjuist. Sligro startte daarop een derdenverzet tegen het vonnis en een kort geding tegen het intrekkingsbesluit en heraanbesteding.
De voorzieningenrechter oordeelde dat Sligro onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de moederverklaring voldeed aan de aanbestedingsvoorwaarden en dat de referenties niet aan de omzeteis voldeden. Het vertrouwen dat Sligro had in het eerdere gunningsvoornemen kon niet opwegen tegen het gelijkheidsbeginsel en het zorgvuldigheidsbeginsel. Daarom was de inschrijving terecht terzijde gelegd. Sligro had geen belang meer bij haar vorderingen en deze werden afgewezen. Sligro werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De inschrijving van Sligro voldoet niet aan de minimumeisen en de vorderingen worden afgewezen.