ECLI:NL:RBSGR:2009:BK5963
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- M. Th. Nijhuis
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid GHS in vordering tegen gunning aanbesteding flexkrachten
In deze zaak vordert GHS dat de aanbesteding voor flexkrachten, gehouden door Cyclus, niet aan een ander dan GHS wordt gegund. GHS stelt dat de gunningsprocedure gebreken vertoont, onder meer door het gebruik van niet-openbaar gemaakte subcriteria en het inschrijven van Luba met een prijs van €0,- op een onderdeel.
Cyclus voert verweer dat GHS haar kort geding niet tijdig heeft ingesteld binnen de fatale termijn van 15 dagen na de voorgenomen gunning. GHS betoogt dat de termijn pas op 25 augustus 2009 is gaan lopen, omdat zij toen voor het eerst geïnformeerd werd over de nadere onderverdeling van prijswens 1 en de inschrijving van Luba met €0,-.
De voorzieningenrechter oordeelt dat GHS niet aannemelijk heeft gemaakt dat de termijn pas op 25 augustus is gaan lopen. De termijn van 15 dagen geldt vanaf de voorgenomen gunning, en GHS heeft niet tijdig een kort geding aanhangig gemaakt. Haar bezwaar tegen de termijn is onvoldoende gemotiveerd en de correctie van de datum door Pro Mereor was kenbaar.
Daarom wordt GHS niet-ontvankelijk verklaard en veroordeeld in de proceskosten. Luba wordt eveneens niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang. De gunning aan Luba blijft in stand.
Uitkomst: GHS wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig aanhangig maken van het kort geding, waardoor de gunning aan Luba in stand blijft.