ECLI:NL:RBSGR:2009:BK5960
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- C.C. Dedel-van Walbeek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen ongeldigverklaring rijbewijs wegens alcoholmisbruik
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het CBR om zijn rijbewijs ongeldig te verklaren op grond van vermoedens van onvoldoende rijvaardigheid en alcoholmisbruik. Het CBR baseerde het besluit op twee psychiatrische rapportages waarin alcoholmisbruik volgens de DSM-IV criteria werd vastgesteld, mede door eerdere aanhoudingen en deelname aan een Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer (EMA).
Verzoeker voerde aan dat de blaastest was afgenomen door een niet-bevoegde BOA en dat de medische gegevens onvoldoende onderbouwd waren. De voorzieningenrechter oordeelde dat het bezwaar tegen de bevoegdheid van de BOA niet slaagt en dat de rapportages geen gebreken vertonen die het CBR zouden verbieden het besluit te baseren op deze rapportages.
De voorzieningenrechter benadrukte dat volgens de Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid het CBR verplicht is het rijbewijs ongeldig te verklaren bij vaststelling van ongeschiktheid, zonder ruimte voor een belangenafweging. Het algemeen belang van verkeersveiligheid weegt zwaarder dan het persoonlijk belang van verzoeker. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de ongeldigverklaring van het rijbewijs wordt afgewezen.