ECLI:NL:RBSGR:2009:BK5385
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot teruggeleiding minderjarigen in internationale kinderontvoeringszaak
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde een verzoek van de moeder tot teruggeleiding van haar minderjarige kinderen vanuit Nederland naar Spanje, op grond van het Haagse Verdrag inzake internationale kinderontvoering. De kinderen verbleven sinds 2003 in Spanje, maar zijn sinds september 2008 bij de vader in Nederland. De moeder stelde dat de vader de kinderen ongeoorloofd achterhield.
De rechtbank oordeelde dat de moeder met gebruikmaking van haar gezagsrecht heeft besloten dat de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij de vader in Nederland moest zijn. Dit bleek uit een brief van de moeder aan de kinderen, die door de rechtbank als authentiek werd beschouwd. De vader nam de zorg op zich met ondersteuning van Bureau Jeugdzorg.
De rechtbank concludeerde dat het niet terugkeren van de kinderen niet als ongeoorloofd in de zin van artikel 3 van Pro het Haagse Verdrag kan worden aangemerkt. De moeder kon haar toestemming niet intrekken op een wijze die het verblijf bij de vader onrechtmatig zou maken. Het verzoek tot teruggeleiding werd daarom afgewezen en partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek van de moeder tot teruggeleiding van de minderjarigen naar Spanje wordt afgewezen.