ECLI:NL:RBSGR:2009:BK5250

Rechtbank 's-Gravenhage

Datum uitspraak
27 november 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
AWB 08/35690
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbArt. 8:83 AwbArt. 44 Boek 1 BWArt. 36a Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens
Verwijzingen
10 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Onbevoegdheid voorzieningenrechter inzake verzoek voorlopige voorziening model M46-B huwelijk

Verzoeker, een Marokkaanse nationaliteit dragende persoon, heeft bij verweerder bezwaar gemaakt tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om verlening van toestemming c.q. toezending van het model M46-B, dat nodig is voor de registratie van zijn voorgenomen huwelijk in de Gemeentelijke Basis Administratie (GBA).

De voorzieningenrechter heeft vastgesteld dat het besluit tot afgifte van het model M46-B niet is gebaseerd op een bevoegdheid uit de Vreemdelingenwet 2000. Daarom is de voorzieningenrechter van oordeel dat hij kennelijk onbevoegd is om kennis te nemen van het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening.

Op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is zonder zitting uitspraak gedaan. De voorzieningenrechter heeft geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.

De uitspraak is in het openbaar gedaan op 27 november 2009 en er staat geen rechtsmiddel tegen open.

Uitkomst: De voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening.

Uitspraak

RECHTBANK ’s-GRAVENHAGE
Nevenzittingsplaats ’s-Hertogenbosch
Sector bestuursrecht
Zaaknummer: AWB 08/35690
Uitspraak van de voorzieningenrechter van 27 november 2009
inzake
[verzoeker],
geboren op [geboortedatum] 1972,
nationaliteit Marokkaanse,
verzoeker,
gemachtigde mr. S. Karkache,
tegen
de staatssecretaris van Justitie,
te Den Haag,
verweerder.
Procesverloop
Bij brief van 3 oktober 2008 heeft verzoeker bij verweerder bezwaar gemaakt tegen de weigering van verweerder om een besluit te nemen op de aanvraag tot het verlenen van toestemming c.q. toezending van het model 46 terzake van het voorgenomen huwelijk van verzoeker met zijn aanstaande echtgenote.
Tevens heeft verzoeker op 3 oktober 2008 de voorzieningenrechter van deze rechtbank verzocht terzake een voorlopige voorziening te treffen.
Overwegingen
1. Ingevolge artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan, indien tegen een besluit bij de rechtbank beroep is ingesteld dan wel, voorafgaand aan een mogelijk beroep bij de rechtbank, bezwaar is gemaakt of administratief beroep is ingesteld, de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd is of kan worden in de hoofdzaak, op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.
2. Ingevolge artikel 8:83, derde lid, van de Awb kan de voorzieningenrechter, indien hij kennelijk onbevoegd is, of het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk, kennelijk ongegrond of kennelijk gegrond is, uitspraak doen zonder zitting.
3. Na kennis te hebben genomen van de stukken acht de voorzieningenrechter in dit geval termen aanwezig om van vorenbedoelde bevoegdheid gebruik te maken.
4. De voorzieningenrechter stelt vast dat het verzoek om een voorlopige voorziening kennelijk betrekking heeft op het in de ogen van verzoeker niet tijdig nemen van een besluit door verweerder op de door verzoeker gedane aanvraag om verlening van toestemming c.q. toezending van het model 46 terzake het voorgenomen huwelijk van verzoeker met zijn aanstaande echtgenote [verloofde]. Verzoeker heeft daartoe, zo begrijpt de voorzieningenrechter, bij brief van 3 oktober 2008 bezwaar gemaakt bij verweerder tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn verzoek. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is hij niet bevoegd van het onderhavige verzoek kennis te nemen. Immers, het bezwaar dat door verzoeker op 3 oktober 2008 is ingediend bij verweerder richt zich op het verkrijgen van een zogeheten model M46-B ten einde de ambtenaar van de burgelijke stand of de ambtenaar burgerzaken/publiekszaken in staat te stellen het huwelijk van verzoeker te registreren in de Gemeentelijke Basis Administratie. Blijkens paragraaf B2/3 en met name paragraaf B2/3.2 en B2/3.4 van de Vreemdelingencirculaire 2000 (Vc 2000) bestaat dit model M46 uit vier delen en wordt het door verzoeker gevraagde model M46-B door verweerder verstrekt ten behoeve van de verklaring op grond van artikel 44, artikel 44, eerste lid, onder k Boek 1 Burgerlijk Wetboek en artikel 36a Wet Gemeentelijke Basisadministratie persoonsgegevens.
Een besluit tot al dan niet afgifte van vorengenoemd model is echter geen besluit gegeven op grond van een bevoegdheid, neergelegd in de Vw2000.
5. Onder de hiervoor gegeven omstandigheden is de voorzieningenrechter van oordeel dat hij kennelijk onbevoegd is kennis te nemen van het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening. Gelet hierop zal met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van de Awb zonder zitting uitspraak worden gedaan.
4. De voorzieningenrechter ziet verder geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
5. Beslist wordt als volgt.
Beslissing
De voorzieningenrechter,
verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 8:81 van Pro de Awb.
Aldus gedaan door mr. E.H.M. Druijf als rechter in tegenwoordigheid van drs. H.A.J.A. van de Laar als griffier en in het openbaar uitgesproken op 27 november 2009.
<i>Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.</i>
Afschriften verzonden: